"Wel een mooi plaatje, zij met dat felrode haar, jij met dat echt rode haar en dan auberginekleurig leer."

Laatst verfde ik mijn haar in mijn eigen kleur. Mijn vader vroeg waarom. Ik zei: 'Omdat mensen die me nu ontmoeten denken dat ik echt rood haar heb, dat dit mijn eigen kleur is.' Hij zei: 'Nou en?' Ik zei: 'Maar dan hou ik ze voor de gek.' Hij keek me schuin aan en zei: 'Dus je gaat je haar in je eigen kleur verven om niemand te bedriegen?' Ik knikte. 'Ik denk dat jij de enige bent die denkt in bedrog en die bedrogen wordt', zei mijn vader.

Hoe dan ook, het rood blijft nu natuurlijk nog naar boven komen, ook al is het blonder dan voorheen. O well. Nog een paar maanden te gaan.


If you want to view paradise,
simply look around 'n view it,
anything you want to do, do it,
want to change the world?
Nothing to it. There is no life I know
that compares to pure imagination.

De kerstkransjes liggen alweer in de winkel - janken, maar met Thanksgiving komt Black Friday en met Black Friday denkt Mango 'yolo', en dus mocht ik eindelijk van mezelf deze klaproos kopen. Ik snap dat dit eigenlijk geen klaproos maar een jurkje is, maar de kleur is wel klaprozenrood en de stroken lijken net blaadjes, het is alles, en een bijkomend voordeel is dat 'ie zakken heeft om je handen in te steken.

Hoera, ik kan MKP'en zonder stress. Vanavond eten we geroosterde groente met Provençaalse kruiden en of kippenpootjes, of gevulde courgette, en het wordt zo fijn, zelfs het toetje wordt fantastisch. Ik ga zo op bezoek bij de mevrouw met de auberginekleurige bank en eigenlijk is alles okee.

I've got those Monday blues, straight through Sunday blues



"Ahw, zo erg ben je niet. Ik zou je meer een herfststormpje noemen, weercode geel max. Windstoten tot 80 km/u, redelijke kans op neerslag."

connect the dots

euforie met wijn rode konen het is hier warm joh mijn oren ik mis hé misschien kan ik dat nog even vlug regelen o verdorie die kutregen goed morgen zeven uur op en nu hier wie zijn al die mensen eigenlijk en wat doe ik precies hier misselijk mijn oren ik wil eigenlijk naar bed weet je wat ik ga gewoon godverdomme die kutregen wat doen jullie in dit portiek dit klinkt als een goede conversatie wat is het toch warm in die schuur o dit voelt niet zo goed gek is dat dat altijd alles er pas uitkomt als je je veilig voelt okee paracetamol misschien maar daar moet je niet aan gewend raken water wekker zetten jeuken onder je voeten maar wat als en hoe moet dat en okee ik moet iets eten ik moet brood eten nee ik moet geen brood eten ik mag geen brood eten paracetamol vitaminepil en een valdispertje doorslikken zonder water zoals de pil vroeger precies zo klein en wit en zo weg maar nu twijfel ik er niet aan of ik 'm ingenomen heb en het maakt ook niet uit ik denk niet dat ik morgenochtend zo vroeg kan opstaan - wekker uit.

Vandaag stak ik vaak mijn pinpas in de automaat en wachtte op het bliepje. Ik weet dat er geld op mijn rekening staat, maar dat is allemaal lucht met wat getallen die ik niet zelf heb verdiend.

Ik kocht onder andere stofzuigerzakken. Dat is dus best een grap, je koopt niet op model maar op merk en dan is het maar hopen dat 'ie past. Ik verving de zak. Dat was wel nodig. Ik was op een rare manier gefascineerd door die opgeblazen vieze zak vol stof en rommel en grauwigheid.

Daarna maakte ik roerei met ketchup. WeNeedToTalkAbout(Kevin)-eten.

We will light up the sky, we will open the clouds



Wherever it's going, I'm gonna chase it
What's left of this moment, I'm not gonna waste it
Stranded together, our worlds have collided
This won't be forever, so why try to fight it?

Let's live tonight like fireflies
And one by one light up the sky
We disappear, and pass the crown
You're beautiful, you're beautiful

(Dit rent echt heel fijn, en ik vind de tekst mooi, en ik heb geen idee waarom ik mezelf probeer te verdedigen terwijl dit mijn fucking boomhut is, als je me afkeurt kun je ook gewoon uit de club stappen hè?)
https://vimeo.com/143751147

Nu wil ik wel in Kanaleneiland wonen, als ik groter dan Leiden ben.
Lang leve de softshell. Ik vind die term echt fantastisch, daardoor lijkt het net alsof je met zo'n jas aan hetzelfde doet als een weekdier, en dat klopt wel aardig met hoe ik mezelf voel en zie reageren op regen zoals gisterenavond: zoals een slak eerst zijn steeltjes en dan zichzelf intrekt, trek ik mijn capuchon over mijn hoofd en mijn hoofd zo diep mogelijk in mijn capuchon en tussen mijn hoogopgetrokken schouders. Ik trek de banden van mijn rugzak zo strak mogelijk, zodat alles compact en gestroomlijnd is tegen die verdomd koude regen. Jippie!

*shrug* maakt het (voor nu) uit?

Poging

De laatste tijd heb ik last van een maf schisma in smaak. Enerzijds zijn er de wervelrokjes en bloemetjesjurken, de Amélies, Jane Austens en Viannes, de jazz en klassiek, het taarten bakken, de boeken en films, een dag lang in bed zitten schrijven aan drie alinea's theatertekst en knus op bed mokken thee, wijn en whisky wegdrinken. Anderzijds is er een softshell, alles willen weten, futurisme, anarchisme, politieke betrokkenheid, maatschappelijk belang, zo gezond mogelijk eten, zo efficiënt mogelijk werken, zo hard mogelijk willen lopen op muziek die energie geeft maar niet overeenkomt met mijn 'eigenlijke' smaak. Nu is het zoeken naar hoe dat allemaal te combineren valt tot die middentwintiger die ik ook word als ik dat niet probeer, maar ik vermoed dat het het waard is om uit te zoeken.

Vanavond kruiste ik een cordiaalmeisje dat extra hard de brug op fietste en er daarna breed lachend vanaf reed. Daardoor moest ik ook lachen, want ik weet precies hoe dat voelt: dat is het aller, allerbeste gevoel aan in Leiden studeren: hard over de door sprookjeslantaarns verlichte grachten fietsen, langs dat spiegelgladde water onder een hemel zo helder als vanavond, met een volle maan, en dan op weg zijn naar een borrel met je beste vrienden en die te leuke gast wiens blik je hoopt te vangen... dit is mijn vijfde jaar al en toch voelt het nog precies zoals toen ik begon.

Hoe het gaat

Vandaag was fantastisch: 's ochtends kookten we als PS'ers met een Egyptenaar, een groep Syriërs en drie Eritreeërs. Of nou ja, eigenlijk kookten zij voor ons, en het was echt superlekker eten. Rijst met linzen, lamsköfte, stoofvlees, een vegetarisch gerecht met witte kool, wortel en de beste aardappelen die ik ooit gegeten heb, er was paarse aardappelpuree (ook dat was fantastisch) en van dat superfijne platte brood - ik was blij dat ik 's ochtends geen zin had gehad om te ontbijten. Daarna dronk ik thee met Anne, Iris en Felix in Haar Gangetje (gheghe. Wel één van de leukste, best verstopte cafeetjes van Leiden) om de rollen over eerstejaars te verdelen en te kletsen, om me daarna naar Phonetics te haasten (Hoera, Jesse heeft aangeboden me in de kerstvakantie een spoedcursus te geven, zo haal ik tenminste mijn tentamen, en kunnen we eindelijk koffie drinken :)). Met hardlopen gaat het ook steeds beter, vandaag rende ik twee kilometer zonder adempauze, geen topprestatie of zo, maar wel nieuw in mijn ritme (tot nu toe rende ik als het even kon om de dag vijf of negen (maar dan wel met een pauze van twee uur theeleuten bij een Hildebrander) kilometer met om de kilometer tweehonderd meter wandelen, maar ik wil nu opbouwen naar 'lekker' vijf kilometer zonder pauzes rennen, dan kan ik daarna gaan trainen op snelheid en vervolgens kilometers gaan toevoegen) en nu ben ik heel erg blij dat het morgen vrijdag is, een dag waarop vrijwel alles voorspelbaar verloopt. Bovendien is morgen de Herfstborrel van Corduroy, daar kijk ik zeer naar uit, en zaterdag heb ik een dag voor mezelf waarop ik Sinterklaascadeautjes ga kopen. Zondag help ik Rian bij een audiotour op de Lammermarkt, en dan beginnen het maken van Nestelaar en de maand december al...
Er is in Lansquenet-sous-Tannes geen politiebureau en dus ook geen misdaad. Ik probeer net als Anouk te zijn, achter de façades te kijken, maar op dit moment is alles wazig.
'Blijven we? Ja, maman?' Vasthoudend trekt ze aan mijn arm. 'Ik vind het hier leuk. Blijven we?' Ik sla mijn armen om haar heen en kus haar boven op het hoofd. Ze ruikt naar rook en het bakken van pannenkoeken en warm beddengoed op een winterochtend. Waarom niet? We kunnen net zo goed hier blijven als ergens anders. 'Ja, hoor,' zeg ik tegen haar, met mijn mond in haar haar. 'Ja hoor, we blijven.' Dat is niet helemaal gelogen. Ditmaal is het misschien zelfs waar.
(...)
Natuurlijk weet ik dat het maar een spelletje is. Vertoon om een bang kind te troosten. Er zal werk verzet moeten worden, veel werk, voordat dit ergens op gaat lijken. En toch is het voorlopig voldoende om te weten dat het huis ons verwelkomt, zoals wij het huis verwelkomen. Grot zout en brood bij de drempel om eventuele huisgoden gunstig te stemmen. Sandelhout op ons kussen om onze dromen te veraangenamen. Later meldde Anouk dat Pantoufle niet bang meer was, dus dat was in orde. We sliepen samen met onze kleren aan op de stoffige matras in de slaapkamer met alle kaarsen aan en toen we wakker werden, was het ochtend.

Joanne Harris - Chocolat

"She only bakes when she's blocked."





Als het kon, zou ik nu verhuizen.
When the ball broke up, she retired to her apartment, but not to sleep. Joy is as restless as anxiety or sorrow. She seemed to have entered upon a new state of existence;—those fine springs of affection which had hitherto lain concealed, were now touched, and yielded to her a happiness more exalted than any her imagination had ever painted. She reflected on the tranquillity of her past life, and comparing it with the emotions of the present hour, exulted in the difference. All her former pleasures now appeared insipid; she wondered that they ever had power to affect her, and that she had endured with content the dull uniformity to which she had been condemned. It was now only that she appeared to live. Absorbed in the single idea of being beloved, her imagination soared into the regions of romantic bliss, and bore her high above the possibility of evil. Since she was beloved by Hippolitus, she could only be happy.
Ann Radcliffe - A Sicilian Romance 


http://www.dailymail.co.uk/femail/article-2295267/How-happy-chubby-girl-Sexist-ads-Mad-Men-era-target-women-lost-sleek-appeal.html
"My good opinion lost once, is lost forever."

Jane Austen

Interview met William Bradford

Misschien moeten we daar even over verder praten, ik weet niet hoeveel de tijd daartussen er toe doet voor Leiden, hoewel het misschien wel van belang is voor je religieuze verbondenheid met de Pilgrims.

Denk je dat er een andere reden was dat ik mee ging dan?

Nu ja, ik kan me voorstellen dat jij, na al dat lezen, toch wel erg geïnteresseerd raakte in de wereld om je heen, en ik kan me ook voorstellen dat je toen je mijn leeftijd had op eigen benen wilde staan, zelf iets wilde bereiken en onderzoeken, dat je je ook een beetje ontheemd voelde, zo bij je ooms. Dan was naar Amsterdam verhuizen natuurlijk wel een uitgelezen kans om opnieuw te beginnen.

Ja, dat zou je wel kunnen zeggen, ik voelde me toch altijd erg van hen afhankelijk, van hun goede wil, en omdat ik te zwak, ziek, misselijk en lui was om te werken op de boerderij, voelde ik me ook een profiteur. Ik wilde wel werken, maar niet op het land, ik wilde iets met mijn hoofd doen.

Daar hoef je je tegenover mij niet voor te verontschuldigen hoor, ik kreeg dat verwijt van de week nog naar mijn hoofd.

Ja ach, ik hoorde die preken van Clyfton aan en ik dacht, dat kan ik ook. Ik wilde op een andere manier geloven en ik hoopte dat ik ergens een parochie zou kunnen krijgen, dan zou ik het allemaal anders gaan aanpakken.

Je was toch een wereldverbeteraar?

Nou, wereldverbeteraar… ik wilde vooral de situatie van de mensen om me heen verbeteren. Iedereen om me heen geloofde dat alles wat er begin 1600 gebeurd was, met die komeet en een vloedgolf en het mislukken van de oogst, iedereen las daar toch tekenen van God in. Katholieken zullen wel gedacht hebben dat Hendrik de Achtste nooit van zijn vrouw had mogen scheiden, maar wij, en daarmee bedoel ik Clyfton en iedereen die naar zijn diensten kwam, wij geloofden dat God de mens strafte voor zijn ijdelheid en hypocrisie. De Anglicaanse kerk is een soort mengelmoesje van de leuke dingen van het protestantisme en het katholicisme, tenminste, dat vind ik, en ik dacht toen ik klein was al dat er iets moois zat in de pure vorm van de apostelen, die simpelheid van leven zonder opsmuk, daar zag ik ook wel iets in.

Dat vind ik gek. Heb jij ooit zonder opsmuk geleefd, met een rijke vader en een belezen opa en ooms die je met je neus in de boeken lieten? Het valt me op dat het eigenlijk altijd rijke mensen zijn die uitspraken doen als ‘ik wil me niet hechten aan materie’.

Misschien verliest materie pas waarde op het moment dat je het in overvloed hebt en er achter komt dat ook dat niet gelukkiger maakt.


Goed punt.

(Dit is maar een beetje schizo, maar het werkt wel!)

Jaaa nieuw album nieuw album!
Na een teleurstellende theaterervaring in Kikker liep ik over de Oudegracht naar Hoog Catherijne naar het station. Het regende, het waaide te hard om nog te gaan hardlopen, bovendien liep het al tegen tienen, ik verwenste de tijd die ik verspild had aan wat ik gezien had en ik maakte alles nog erger met een zakje suikervrije beertjesdrop (ik heb altijd de illusie dat de beertjes me opvrolijken). Ik had diep medelijden met mezelf en hoewel ik daar dan wel weer om kon lachen, viel me ineens de gedachte in:

'Maar de afgelopen jaren ben ik altijd verliefd geweest op een spook dat slechts bestond in mijn hoofd. Ik kan niemand bedenken met wie ik me verbonden voel zoals ik dat zou willen, met wie ik door de wereld zou fietsen of treinen, met wie ik samen zou kunnen leven zonder me meer te moeten gedragen dan ik doe als ik alleen ben. Dat is niet erg. Denk ik.'

En toch werd Utrecht Centraal ineens onnodig groot, grijs en trok ik mijn jas maar wat dichter om me heen tegen de tochtvlagen. Gelukkig haalde ik nog net de trein naar Leiden, waar ik vanuit mijn ooghoeken zag dat een jongeman eerst doorliep, en toen terugkwam om tegenover me te gaan zitten. Ik dacht hem te herkennen, maar staren is onbeleefd, dus tikte ik op mijn telefoon en las ik een interview met de schrijver over dat nieuwe boek over de blackout in New York, tot de jongen ineens: 'Rafaëlle?' vroeg. Het was toch Leon, een geest uit mijn eerste jaar in Leiden.

Op Leon ben ik nooit imaginair verliefd geweest, wel hebben we eens 'rondgehangen' (Leon vernederlandste Engelse woorden nog meer dan ik) in Estamineet Schommelen. Toen had ik nog klimop in mijn haar en deed ik niets liever dan bellenblazen en schommelen, vandaar zijn voorstel.
Grappig genoeg verwees ik vorige week maandag in mijn voordracht naar Schommelen, hoewel ik er alleen met Leon ben binnengeweest. Vorige week was ik nog imaginair verliefd op een spook met wie ik mezelf weer op die schommels voorstelde. En nu zat de knul met wie ik dat voor het eerst deed ineens tegenover me in de trein, het leven is raar.
I wanted to go away with you

Gisteren nam ik een kijkje in het Pilgrim museum aan de Beschuitsteeg. De Pilgrims hebben ook in de Pieterswijk gewoond, dus mag ik een monoloogje schrijven waarin een Pilgrim uitlegt waarom ze naar Leiden gekomen zijn en er uiteindelijk weer zijn weggegaan.

Het was hoogst interessant. Ik ontdekte William Bradford, een jongen die negentien was toen hij in Leiden arriveerde. Hij was wees en woonde in bij William Brewsters familie in de zogenaamde Stinksteeg (die inmiddels de William Brewstersteeg heet) tot hij 21 was en het geld van zijn familie kon claimen, en zo een mooier huis in een betere buurt van Leiden kon kopen. Toen hij 23 was, trouwde hij met Dorothy, een zestienjarig Engels meisje dat in Amsterdam woonde. Samen voeren ze in 1620 op de Mayflower naar Amerika. Dorothy heeft Amerika nooit gehaald: ze viel (of sprong, om redenen die me nu nog onbekend zijn) van de Mayflower.

"Dit meisje heeft altijd wat te dromen nodig."





Februari hè? Dan heb ik het vast minder druk, lijkt me leuk.

"Dit meisje."

Laatst legde ik D. uit dat ik mezelf vermoedelijk nooit echt een vrouw zal vinden. Mijn moeder is er ook niet echt één, natuurlijk wel qua geslacht en leeftijd, maar niet qua gedrag en zelfs niet echt qua uiterlijk. Vorige week dacht de man die in Kikker naast me zat dat ik bij de groep middelbare scholieren die naar de voorstelling kwamen kijken voor KCV hoorde. Dat vond ik toen niet echt een compliment, maar vandaag werd ik er ineens vrolijk van. Het is alsof ik vijf jaar extra heb, als ik nu net zeventien lijk. Dat komt ook veel meer overeen moet hoe ik me soms voel, er is nog zoveel te ontdekken en te beleven voor ik me voel zoals ik destijds dacht dat ik me zou voelen op mijn tweeëntwintigste.

Like lullabies you are, forever in my mind



though you weren't mine,
you're my first love

Vanmiddag kwamen twee heren van de STUV (Stichting Uitgeprocedeerde Vluchtelingen) bij PS lunchen om te vertellen over hun werk.

Dat was heftig.

Heel naïef had ik er nog nooit bij stilgestaan dat het écht zo werkt dat als je in Nederland geen BSN-nummer hebt, je niet bestaat en je niks mag doen. Je mag hier niet zijn, je mag hier niet werken, je mag hier ook geen vrijwilligerswerk doen, niets. Ik had er nog wel even langer over door willen praten met Friso, de jongen die na stage te hebben gelopen vast in het team is opgenomen en niet heel veel ouder kan zijn dan ik, omdat ik het voor mijn gevoel niet goed begrepen heb. Wat ik er nu van begreep is dat het echt zo werkt dat als Nederland je kan uitprocederen, je op straat wordt gezet. Letterlijk. Dan kun je het zelf uitzoeken: vind maar een kartonnen doos en een portiek en ga daar maar dood aan honger en ziekte.

Nog naïever: DAT KAN TOCH NIET?! ZEKER NIET IN DEZE TIJD?! ZEKER NIET MET AL HET GELD WAT VERSPILD WORDT AAN ALLERLEI ONZIN?!

Ik begrijp het niet. Ik begrijp het écht niet. Waarom maken we het bestaan zo ontzettend veel ingewikkelder dan het is, met allerlei stomme instanties die maar dingen mogen bepalen op grond van cijfers en kille gegevens? Waarom doen we dat nog, terwijl allang duidelijk is dat zodra je écht met mensen spreekt, je niet meer om het menszijn van een ander heen kunt? Hoe kunnen er zulke wanpraktijken plaatsvinden, en waarom doet 'de overheid' niks aan de hypocrisie van dit alles? Het is toch doodsimpel zou je zeggen?

Ik weet wel dat het dat niet is, maar dit is bizar. De hele wereld is bizar, en in mijn sprookjeshoofd is alles eigenlijk doodeenvoudig. "Als ik de baas zou zijn van het journaal, dan werd meteen het nieuws een heel stuk positiever. De hele wereld werd meteen een beetje liever, want ik negeerde alle narigheid totaal..." soms zing ik een bewerking van dat Kinderen voor Kinderen liedje als ik met mijn vader aan de keukentafel praat over wat ik allemaal niet snap van de wereld. Ik word wanhopig van het idee dat het uiteindelijk allemaal geen ster uitmaakt, omdat er we hier kennelijk niks tegen kunnen of willen doen, en de wereldgeschiedenis leert me dat het organiseren van sit-ins en opnieuw beginnen uiteindelijk waarschijnlijk niet mag baten.

En toch verbaast het me oprecht dat dit soort praktijken aan de orde van de dag zijn, en niet allang tot het verleden behoren. We vinden onszelf hier zo ontwikkeld en intelligent, we zijn lekker geseculariseerd en individualistisch, allemaal mindful op zoek naar geluk - en toch zijn we keer op keer weer te bijziend om onze eigen stomme fouten te voorkomen of verbeteren.

Bij zo'n verhaal als vanmiddag kan ik alleen maar denken aan het kwaad in de mens zoals Hannah Arendt dat beschreef aan de hand van het proces Eichmann, hoe stugge kantoorklerken doen wat hen wordt opgedragen zonder daar bij stil te staan. Aan Primo Levi's Is dit een mens, waarin hij uiteenzet hoe genocides plaatsvinden: daders maken van slachtoffers iets onmenselijks, en kunnen daardoor doen wat ook in dat zogenaamd 'onderontwikkelde' dierenrijk taboe is: je eigen soort krenken (breek me de bek niet open over de hypocrisie van het wel krenken van andere soorten, dan komt er pas een tirade aan zelfhaat naar buiten). Ik werd zo verdrietig van het verhaal dat ik nu niet helemaal weet wat ik met mezelf en mijn ontevredenheid over het bestaan aan moet, behalve er over praten en over nadenken en als ik eindelijk eens klaar ben met een studieschuld opbouwen bij die verrekte overheid, te gaan vrijwilligen, hoe zinloos imbecielen dat ook mogen vinden.

Mijn ouders draaiden vroeger de cd's van de SGO met liedjes van Gerard van Amstel grijs, en ook nu ik volwassen ben zet ik ieder jaar opnieuw de kerstcd 'We zoeken een ster' op, omdat die liedjes zo waar zijn. Vandaag schoot 'Zwerver in Nederland' me ineens te binnen:

Geen dak boven je hoofd.
Geen tent of oude doos,
en zelfs geen paraplu voor regendagen.

Geen dak boven je hoofd.
Dat is toch bar en boos,
bij wie moet je om onderdak gaan vragen?

Misschien in dat pension?
Een kamer met balkon?
Maar nee, ze zitten vol, ze doen niet open.
Die kerk die openstaat?
Wie daar naar binnen gaat
mag hoogstens op een uurtje warmte hopen.
En ook de stal is al bezet,
daar is een kerstboom neergezet.
Dus sjok je verder, moe, alleen.
Waar moet je nou in godsnaam heen?

Geen dak boven je hoofd,
alleen het wolkendek,
maar ja, dat dak is lek als het gaat gieten.

Geen dak boven je hoofd,
dat vinden mensen gek.
Die gaan slechts uit hun dak als ze genieten.

Want daar in dat pension,
met kamers en balkon,
daar zitten ze wel goed, ze doen niet open.
De kerk die openstaat
en mensen binnenlaat
Die laat je na een uurtje verder lopen.
En ook de stal is al bezet,
daar is een kerstboom neergezet.
Dus sjok je verder, moe, alleen.

Waar moet je nou in godsnaam heen?
(Het is net alsof ik botox in mijn lippen heb laten spuiten, dit is één van de bizarste dingen ooit.)



O de ironie

Terwijl ik me omkleedde, zong ik mee met Marian Hill: 'Boy if you wanna go, I would not mind, but I'm not a drum you play one time.'

Ha ha.

Toen ik de trap weer op gelopen was, kon ik alleen maar concluderen dat ik écht geen idee heb hoe het leven werkt. Ik weet niet hoe ik me nu voel. Enerzijds kan het me geen ster schelen, de werkelijkheid verschilt zoveel van alles in mijn hoofd - anderzijds gil ik alleen maar 'ren, voor je valt', mijn tweede gedachte was 'nu zijn de sterren één groot zwart gat geworden, volgens mij precies tussen mijn longen. O well, daar kan ik al die sigaretten die ik beter niet kan roken in aftikken. 'Losing track and losing time, and I forget to breathe. Should've seen the water rising, now I'm in too deep.'

Maar dat was dus niet zo, de regen kwam met bakken naar beneden, maar dat is geen goede reden om je huisgenoot weg te sturen zodat je met mij mee kunt fietsen - nee. Ik was nerveus op de verkeerde manier, want als ik eerlijk ben, was dit niet wat ik wilde. Waarom deed ik het dan toch, tegen beter weten in? Ik heb maar drie uur geslapen, dus waarschijnlijk lijkt alles daardoor dramatischer - maar wat gaat er toch mis? Doe ik iets significants fout?
<iframe width="450" height="253" src="https://www.youtube.com/embed/1VFDYHJYtsI" frameborder="0" allowfullscreen></iframe>

You know, you've got that thing
that makes the girls all swing
you know exactly what you do

Je maakt me niet wijs dat je het niet weet. Ik zie het in je ogen als je me vraagt naar de dingen die ik doe, en het ergste is dat ik van die dingen weet dat ik ze als bakvis ook deed, dat ze overduidelijk zijn en ik dat heel goed van mezelf door heb - maar telkens net te laat. Roepen dat je iets niet kunt helpen druist tegen mijn existentialistische tendensen in, maar ik kan de impuls om te moeten lachen als jij zegt: 'Dat is niet hoe het werkt' over iets in een horrorfilm niet onderdrukken, en later kan ik niet op tijd ingrijpen waardoor ik toch giechel om hoe je kopjes staat af te wassen. Gelukkig kan ik als we tegen de muur leunen en je naar me toe buigt om overeenstemming te bereiken over dingen wel of niet weten, de neiging om naar je lippen te kijken nog wel onderdrukken - maar ik weet terwijl ik naar onderzetters, draadjes in het tapijt of letters staar heel goed dat ik aan niks anders denk.
Maandag vierden we de verjaardag van de Leidse schouwburg. PS had, in opdracht van de stad, een feestelijke voorstelling gemaakt waarin verschillende Leidenaren over de liefde kwamen vertellen. Erica en Pepijn vroegen me destijds om een liefdesbrief aan het studentenleven te schrijven en die voor te dragen. Ik wist niet dat het om zo'n spektakel voor een publiek van 350 man zou gaan, dus was ik niet in het minst zenuwachtig. Ook toen we wachtten tot het gordijn open zou gaan, had ik nergens last van: ik hoefde immers alleen maar voor te lezen, terwijl de anderen zouden zingen en spelen.

Eerder die middag, tijdens de technische doorloop, werd ik zo gegrepen door alle verhalen en mooie liedjes dat ik het niet kon laten om grijnzend aan een liefdesbrief te beginnen:

"Lieve ...,

Verrassing: een ouderwetse brief! Ik wilde je de ongemakkelijke grijns die je nu ongetwijfeld op je gezicht hebt niet besparen. Mensen vertellen elkaar veel te weinig hoe geweldig ze zijn, en hoewel jij dat naar eigen zeggen heel goed van jezelf weet, kan het nooit kwaad om door een bakvis op allerlei geweldigs waarvan je nog niet op de hoogte was te worden gewezen.
Die grijns, dus. Terwijl ik dit schrijf, moet ik zoals altijd, wanneer de gedachte aan iets waar jij om moest lachen me overvalt, ook lachen, en voor mezelf uit giechelen en grijnzen als een idioot.

Weet je nog dat je na mijn tribunaal naar me toekwam? Je zei: 'Ik wist wel dat je het in je had!' Ik zou je niet kunnen vertellen wanneer ik verliefd op je werd, wel weet ik nog dat ik daar erg verlegen van werd, en uitzonderlijk blij was dat uitgerekend jij vond dat ik het goed had gedaan. Vanaf toen verheugde ik me ineens meer op activiteiten als jij aankondigde er je opwachting te zullen maken. 
Op het kinderfeestje van Klik 16 vouwde je van je Hubba Bubba wikkel een vliegtuigje terwijl we over de balustrade van het balkon leunden. Later zei je, toen ik aangaf naar de sterren te willen kijken terwijl we binnen op een bank zaten, dat we dan gewoon naar buiten moesten gaan. Ik kan me voorstellen dat dit op geen enkele manier een logische opeenvolging van gebeurtenissen lijkt, maar toen ik die avond naar huis fietste, heb ik alleen maar voor mezelf uit gegiecheld. 

Tussen toen en nu heb jij als het goed is geen vermoeden gehad van mijn idiote gestaar en gebloos, maar waarschijnlijk wel van mijn gestamel."

Terwijl de hele zaal Lang zal ze leven voor de schouwburg in gedaante van de Grande Dame (Els voor intimi) zong, gleden de gordijnen open en zat hij ineens tegenover me.

Ik wist me geen houding meer te geven. Gelukkig had ik mijn notitieboek en een pen:

"En nu zit je ineens op het eerste balkon, recht tegenover me. Kom je me zenuwachtiger maken dan nodig? Waarom ben je hier? Weet je soms dat dit exact is wat ik zo leuk aan je vind, dat je van alles gewoon onaangekondigd en zonder aanleiding gaat doen? En weet je dat ik jou kan zien zitten?"

Met bonkend hart wachtte ik af tot ik moest spreken, en ik probeerde zo kalm mogelijk te zeggen wat ik bedacht had. Na afloop reageerde iedereen verbaasd toen ik zei dat ik van de zenuwen de eerste helft van mijn brief af ratelde. Dit was de eerste keer dat iemand anders dan Erica de tekst hoorde, en zelfs Erica heeft er maar één keer naar gekeken. Ik vond het doodeng, maar het ging best heel goed.

Na afloop wachtte hij met Sanne en Jorinde in de foyer. Hij keek me zo ernstig aan terwijl we elkaar begroetten, dat ik bijna steil achterover sloeg - maar gelukkig wisten we onszelf allebei staande te houden tot we met Sanne op mijn kamer waren en samen tegen mijn voeteneind leunden. Daar is hij tot vier uur blijven zitten om me geluidsgolven uit te leggen, en te praten over links elitair denken, feminisme en allerlei andere dingen die me door de whisky niet meer zo helder voor de geest staan.

Het was zo romantisch. Ik ga mijn uiterste best doen om mezelf hier volledig in te verliezen.
In 'Numbers' zingt Elena:

Follow me home, pretend you
found somebody to mend you

Ik kan niets beloven, maar je weet in ieder geval waar ik mijn pleisters bewaar.
<iframe width='480' height='270' src='http://cache.vevo.com/assets/html/embed.html?video=GB2871500045' frameborder='0' allowfullscreen></iframe>

Wederom een pareltje
"Ja ik vond het heel grappig, want op het moment dat zij naar hem toe leek te lopen keek hij haar zo verwachtingsvol aan, maar zij liep op haar vriendinnen af - en toen dacht ik wel, daar zit wat."

Dankjewel Eva
<iframe width="450" height="253" src="https://www.youtube.com/embed/6tTDxSdudNM" frameborder="0" allowfullscreen></iframe>

Tijd voor een damn fine cup of coffee!
(Ach... eigenlijk wil ik nu gewoon in alle rust Pride and Prejudice kijken. Ik luister vaak naar de soundtrack van die film als ik verdrietig ben of literatuur uit Austens tijd moet lezen voor Engels, maar ik heb de film in geen jaren gekeken en als ik deze stills zie, wil ik dat ineens heel graag.)



En weer kan ik, na wakker worden uit een droom waarin ik verdrietig was, niet loskomen van de treurnis. Dat is gek, want voor zover ik weet heb ik bewust niet echt een reden om neerslachtig te zijn: gisteren was ik de hele dag in de PS|villa om te helpen, en 's avonds ging ik met Eva op bezoek bij Felix in zijn dubbelgemengde huis aan Houtstraat 8 en dat was vooral allemaal heel leuk... En toch zou ik willen dat vandaag een zaterdagochtend in het huis van mijn ouders was, waar ik om half negen wakker word van de geluiden van het koffiezetapparaat in de keuken, het geschuifel van mijn moeder die de was uitzoekt, waarna mijn vader op de slaapkamerdeur klopt om te vragen of ik kom ontbijten en ik me kan aankleden in de wetenschap dat er de hele verdere dag niet zoveel hoeft behalve boodschappen en echt luisteren naar mijn moeder.

Okee maar in plaats daarvan is vanavond de verjaardag van de Schouwburg, en dat wordt vast heel leuk en mooi, en mijn ouders komen daar ook naar kijken dus ik moet gewoon even niet zo miepen. Het is wel verdomd koud vandaag, met al die wind. Toen ik in bed kroop vond ik het in mijn kamer bijna te warm om onder mijn dekbed te liggen - wat op zichzelf gek is omdat ik de verwarming al weken niet meer aan heb gehad - om 's ochtends wakker te worden in een steenkoude kamer. Nu heb ik een trui aan en het nog steeds koud, wat wil je nou, Weer, maak eens een keuze.
'cause I don't wanna fall in love
if you don't want to try
but all that I've been thinking of
is maybe that you might

Het is onmogelijk: ik ken jouw wereld niet van binnenuit en de mijne is er niet één die jou interesseert. En toch -

We zitten in het raamkozijn, we delen een sigaret en kijken naar de muur van het huis waar we net vandaan komen. Boven de deur hangt, zo hebben we (toen we aankwamen en ik dronkener was dan ik nu ben) opgemerkt, een glas-in-lood-bordje van twee trams. Nu wil ik weten welke kleur de trams hebben en jij wil weten wat er op de randen van het bordje geschreven staat, dus klauter je op het paaltje dat voor het huis staat om het te lezen. Daarna doe ik hetzelfde, en je wil me helpen maar ik kan best zelf klauteren. We delen ook het laatste kauwgompje uit je pakje, ik geef 'm aan jou om te breken, en dat is het moment om weg te gaan - terwijl ik eigenlijk hoop dat je me ineens zult zoenen, dat er op de één of andere manier iets is overgeslagen, een half uur geleden zat ik nog met mijn handen in je haar.

De volgende ochtend word ik intens vrolijk wakker na vijf uur slaap, ik moet naar mijn stage. Daar hoor ik ineens gegrinnik als ik in een groepsgesprek met onder andere jou overleg over donderdag. Rian en Pepijn zeggen, net zo hard dat ik het ook kan horen, 'met wie zou ze appen, dat ze zo glimlacht? Vast een jongen.'

Je vraagt waarom je L'écume des Jours ook alweer moest kijken. Nu ja, je moet niks, maar ik dacht dat je misschien even enthousiast zou zijn over de glazen auto, de cocktailpiano en de wolkenkabelbaan als ik was toen ik 'm zag. Ik ben benieuwd of je de film een kans geeft voor donderdag.

Vandaag was de eerste vrijdag, de eerste laatste dag van een eerste stageweek en ik besef me keer op keer hoe fijn het is dat ik maar twee minuutjes hoef te fietsen van mijn huis naar de raamsteeg, dat ik hier in Leiden theater mag helpen maken.

Vanmiddag ging ik met Erica, de dramaturge, naar het Stadsarchief. Dat zit ook in de Pieterswijk en iedereen ziet het vanaf de Witte Singel, maar je komt daar natuurlijk alleen als je er iets te zoeken hebt. Dat hebben we, we zoeken de geschiedenis van de wijk, en zo kwam ik vandaag achter wat dingen die ik nog niet wist. Het Stadsarchief zelf is uiteraard ook heel spannend. Naast de balie staat een mandje witte handschoentjes die je aan moet als je gevoelige boeken wil bekijken. Dat was vandaag nog niet aan de orde, maar ik ben begonnen aan het uitpluizen van het ontstaan van Leiden. Als ik dan in een archeologisch onderzoek naar een stuk sarcofaag lees dat "Jonkheer M.B.W. Tombe in 1917 werkzaamheden aan het pand liet uitvoeren." moet ik hardop lachen - maar dat kan eigenlijk niet in zo'n archief, daar is iedereen heel stil en serieus aan het werk. Ik vind het heel leuk dat ik daar vanaf nu wat vaker zal komen om onderzoek te doen naar de historie van Leiden, het voelt zo... officieel, maar tegelijkertijd klopt het allemaal heel erg omdat ik nergens gelukkiger ben dan hier, in Leiden, en dan ook nog eens te midden van mensen die theatermaken...

Na het Stadsarchief ging ik terug naar de PS villa om Tijs te helpen bij het bouwen van een hut. Ja echt, een hut in een villa. We hebben met een heleboel kleden een partytent bekleed en het was daarbinnen supergezellig. We deden dat voor de eerste buurtborrel, die heel geslaagd was omdat er daadwerkelijk een gezellige opkomst was en eigenlijk alles goed ging: Rian heeft een heel, heel mooi liedje wat in je hoofd blijft hangen, Tijs vertelde een ontroerend verhaal wat hij die middag van de architecte gehoord had en Eva had met het eten dat ze opgehaald heeft bij mensen in de raamsteeg heerlijk eten gekookt. De mensen vonden het gezellig en vertelden veel, en nu hopen we natuurlijk dat iedere borrel zo leuk wordt!

Het klinkt misschien suf, maar eigenlijk zijn alle frustraties op te lossen door gewoon een eind te gaan rennen.

(Gisteren kocht ik mijn eerste sportbh, nu ik toch bijna iedere week drie keer een rondje ren vond ik het daar wel tijd voor worden, en het maakt zonder grappen echt een wereld van verschil!)
Vandaag is niet zo'n goede dag.

Er is niet echt iets aan de hand, maar ik ben niet zo goed in ergens nieuw zijn, met verantwoordelijkheden, en in niet exact weten waar ik aan toe ben. Ik betrapte mezelf op de gedachte dat ik als ik ben afgestudeerd ook gewoon voor de klas kan gaan staan, gebonden aan een cao en met een lesmethode die ik op ingeroosterde uren afdraai. Misschien niet zo spannend, maar wel honderd keer minder onrust.

Ik heet geen rafa-ella of raffa-ela. Ik begrijp dat het een ongebruikelijke en lange naam is, maar is het zo ingewikkeld om voor je een bericht verstuurt te kijken hoe je mijn naam schrijft? En wat gaat er toch mis in hoofden waardoor mensen niet onthouden hoe ik mijn naam zelf uitspreek? Lezen ze wat ze denken dat er staat? Want er staat gewoon rafa-elle, niets ingewikkelds aan.

En ja, reken maar dat dit een klaagzang is. Het is een vrij terechte. Ik word nogal moedeloos van de situatie van mijn moeder, de stompzinnige kortzichtigheid waarmee sommige individuen in mijn directe omgeving hun vrienden behandelen, en het was best heftig om mijn dagboek van deze maanden in 2013 te lezen. Er druipt zoveel verdriet, wanhoop en onzekerheid van die pagina's dat ik er nu een beetje boos van word dat ik zo onterecht zo ongelukkig was.

Speciaal voor jou. Al mijn hipstertriggers.











"I'm peaceful 'cause my dick is in the sunlight." Denk daar maar aan, de volgende keer dat je op een veerboot staat. Nu ga ik ViLLAGE luisteren.

Dit is Lawrence Ferlinghetti, een beat poet die ik hier vooral toon om mezelf er aan te herinneren dat ik zijn werk moet lezen. In de film Houses van Jenner Furst, waar ik met E. naar toe ging voor onze presentatie van donderdag, reciteerde één van de personages één van Ferlinghetti's gedichten dat echt prachtig is. Het is gedicht #19 uit de bundel A Far Rockaway of the Heart. De mooiste zin vond ik: "all the people of your life/in one house in the night/all lights lit/like a cruise ship at sea", alhoewel de volgende passage er één is om in te lijsten:

And you run to the roof
       and look up to the mute night sky
            And in the wheeling template of the stars
                  see the faces of the figures
                       of the lovely lovers who
                          had once made time stand still
             now all fixed
                               in their constellated relations
                  motionless in time

Ik vind dit schitterend, 'the wheeling template of the stars' en 'lovers (...) in their constellated relations motionless in time', en ik wil heel graag meer van deze beat poet lezen.
Vandaag was een fijne dag. Het project 'De Atlas komt Thuis' begon met het uitklappen van de Atlas, een tot theatertje omgebouwde bouwkeet. Daar bespraken Pepijn, Eva en Tijs wat ze van plan zijn komende twee weken (ik denk dat ik zelf mijn tijd moet indelen en ik vind dat aan de ene kant heel logisch maar aan de andere kant heel gek - het is nog heel erg zoeken voor beide partijen, en dat is leuk maar ook... zoeken) Ik vond het heel leuk en leerzaam, de koffie was fijn, het wandelen door de wijk ook - en toch ben ik bijzonder nerveus over alles wat ik daarbuiten moet regelen en arrangeren en zou willen doen maar ik lijk geen tijd te hebben -

maar zaterdag gaan we wandelen.

Ik verheug me daar heel, heel erg op en het kan me niet schelen als het anders loopt dan ik het me voorstel: het wordt hoe dan ook wel leuk, of hij nu naast me komt lopen of niet. Maar ik hoop natuurlijk wel dat hij naast me komt lopen en moet lachen om de witty opmerking die ik hopelijk maak.

Me daarop verheugen maakt dat het er uiteindelijk allemaal nog minder toe doet. Het doet er al niet zoveel toe: die stomme presentatie, alles wat ik had moeten lezen, die subsidieaanvraag kan ook wel een week later, en er zijn twintig andere dispuutsgenoten die morgenavond eerstejaars kunnen lubben. De wereld zoekt het maar uit.

Maar voor de goede orde: vandaag was echt heel leuk, we praatten met de winkeliers uit de Doezastraat en gingen op de thee bij een journalist die op de Vliet woont, in een prachtig huis met een indrukwekkende bibliotheek, en het was vandaag van dat fijne novemberweer: goudgele zon, herfstblaadjes, zo zou de wereld altijd moeten zijn.
You throw your head back laughing, like a little kid

Kersenbonbons zijn de beste bonbons in de wereld. Mijn moeder kreeg ze van mijn vader en daarom eet ik er nu drie. Kersen, pure chocolade en drank. Die variant in rood cellofaan is stiekem nog beter, omdat het iedere keer net is alsof je een cadeautje uitpakt. Ik dacht dat deze krengen in het Engels vast wel 'cherry bomb' zouden heten, maar helaas is dat niet zo. Volgens vertaalmachines zijn het 'cherry liquer chocolates' maar dat kan gewoon niet de bedoeling zijn, dus als iemand de correcte term weet, word ik daar graag van op de hoogte gesteld.

Voor Annelies: "zo min mogelijk gestuurd door vooropgestelde kaders"

Eigenlijk ga ik altijd te laat naar bed.
Vaak hoor ik mijn drie huisgenoten
één voor één de trap af –

om hun tanden te poetsen,
hun lenzen uit te doen,
ze douchen niet ‘s nachts –

en weer op lopen:
zes opengegooide en
dichtgetrokken deuren –

en dan is het zo rond tweeën
als ik zelf het tl-licht op de overloop in stap.

Weer op weg naar boven knip ik het licht in de
douche, de badkamer,
de keuken, de gang
en op de overloop
uit.

De deur van mijn kamer is scheef,
zelfs als ‘ie dicht is, staat ‘ie op een kiertje
naar licht op de gang, net als vroeger.

Ik vind mezelf te oud om het milieu te belasten
om niet bang te hoeven zijn in het donker.

Soms ben ik toch bang. Niet voor het donker in mijn kamer,
maar voor het donker in mijn hoofd.
Dan knip ik de wereldbollamp aan,
en kijk ik naar alle landen waar het nu dag is.
Maar niet te lang. Dan ga ik piekeren
over het heelal, en daarin raakt alles kwijt,
en is alles dood en levend
tegelijk. Of nou ja,
dat kan elementair dan wel zo zijn,
maar zelfs in deeltjes krijg ik er mijn oma niet
mee op de rand van mijn bed, dus daar zit ik zelf.

En vaak denk ik
als ik onder mijn dekbed kruip,
het katoenen overtrek koel op mijn huid voel,
en op mijn zij draai
aan iemand die al in dat bed ligt,
en zijn armen om mijn middel slaat
en zich tegen me aantrekt,
met zijn neus in mijn hals
de geur van mijn douchegel opsnuift
en kleine tevreden geluidjes maakt -
als ik me omdraai om in de schemering 
van het licht door de gordijnen
zijn gezicht te kunnen duiden, draait hij mee 
en valt over de rand van het bed
uiteen.

The stars in the heavens are doing their best: he calls my name, and I meet his eyes, now I have lived, I might as well die



I'm saying things are going to change, I can't steal his heart, but I can steal back mine :)
"Ja, laat het weten als er meer opengedraaid moet worden, of je bètavragen hebt."

Eh, je mag ook gewoon blijven en niet meer weggaan zodat je meteen in de buurt bent als er flesjes gembersiroop open moeten, en ik kan aan de lopende band vragen stellen?

(Context: ik had appeltaart over, hij wilde wel appeltaart, en toen was hij ineens hier. En het was helemaal okee en heel fijn en we praatten gewoon zonder dat het ook maar een moment raar was. En niet alleen over bètadingen, maar over films, theater, muziek, de dingen in mijn kamer, zijn huisgenoten... Terwijl hij de structuur van grafeen uittekende, kon ik alleen maar voor me uit grijnzen (dat doe ik nu ik dit type weer) omdat ik mezelf betrapte op naar de moedervlekjes in zijn gezicht staren, en voelde hoe mijn mondhoeken krulden bij zijn lach, en zucht, ik kan nu alleen maar zwijmelen natuurlijk, maar okee, het is inmiddels wel weer kwart over twee 's nachts, ik had gepland twee uur geleden in bed te liggen...)